Herfst

‘Weet je wat ik een van de mooiste woorden in de Nederlandse taal vind?’ ‘Wat dan?’ ‘Het woord herfst. Die bijzonder zachte klank, die vind ik mooi.’ Mijn vriendin met wie ik een koffietafelgesprek voer proeft het woord op haar tong. ‘Als je het woord herfst uitspreekt, begin je al met een zachte, onhoorbare klank, de h,’ begin ik, terwijl we wachten op de koffie met appeltaart. ‘In de taalkunde hoort de h bij de stemloze medeklinkers, dat zijn de …

Meer lezen …

De -n of niet

‘Koffie?’ ‘Ja, lekker. Wat ben je aan het doen?’ ‘Ik schrijf een column voor de krant. Over vandalisme.’ ‘Interessant. Maar eh…dat is niet goed hoor, wat je daar schrijft.’ ‘Wat bedoel je?’ ‘Die n achter vele. Dat klopt niet.’ ‘O, wat is daar mis mee dan?’ ‘Nou, je schrijft: De abri’s waren door de jongeren vernield. Velen werden later door de gemeente gesloopt. Dat klopt niet, hoor.’ ‘Die n achter velen niet? In die zin is het toch zelfstandig gebruikt?’ …

Meer lezen …